Bewustzijn heeft geen bewustzijn nodig, zei Miep.
Ze zegt wel vaker zomaar dingen. Dingen die klein lijken, tussen de afwas door.
dingen die klein zijn, als een theelepeltje of wat sop, dat verdwijnt in de gootsteen.
Alle dingen verdwijnen ooit in de gootsteen. Het spoelt in het doucheputje, weg. Later komt het weer uit de douchekop en neemt al onze gedachtes en gevoelens mee. De gaatjes in de douchekop zijn eigenlijk een zeef. Alles is omgedraaid.
De wereld is het beste op zijn kop te bekijken, als je aan het klimrek hangt. Dan herken je iets in de gezichten van mensen dat echt is. Gekke alien ogen en benen die armen zijn. Tenen zijn vingers waarop je loopt. Op z’n kop is de wereld logischer. Dan is de grond luchtig en zit je niet opgesloten in de zwaartekracht. Als je dan zwiert vlieg je. Helemaal vrij.
Miep weet meestal wel hoe de dingen in elkaar zitten. Lieveheersbeestjes volgt ze met haar vinger over de heg. Soms kom je dan een spinnenweb tegen. De blaadjes ruiken naar plantenbloed als je erin knijpt. Ze had eerst rolschaatsen. Als je valt op je stuitje doet dan pijn. Daarom is het beter als de lucht beneden is. Dan zijn rolschaatsen raketten waarmee je zoeft. Sinds kort heeft ze een walkman. Met een nepbandje. Overgenomen van een ander bandje. Die luistert ze de hele dag, tot de batterijen op zijn en dan moet ze een dag wachten. Die kan ze dan op klippen aan haar broek. Ze spreekt korte boodschappen in, kleine verhaaltjes.
Of ze neemt mama op die zegt dat ze de kamer op moet ruimen en dan denkt ze: Later. Later zal mama horen hoe gemeen ze klinkt en dan zal ze het nooit meer zeggen. Ik ga nooit zeggen tegen mijn kinderen dat ze hun kamer op moeten ruimen dacht Miep. Nooit. Nooit. Want dat kan helemaal niet. Je verdwaald dan in de poppen en boeken en dan droom je zo weg en je mag nooit een week doen over opruimen. Het moet altijd vandaag nog. Maar wat dan als je je stickers tegenkomt en ze een voor een wilt kijken en voelen? Of je de radio tegenkomt en de rec-knop? Als je opruimt moet je alles in de opbergdoos doen of op de plank leggen. Dat vinden de boekjes niet leuk. Joep in het boek en Kees. Die kijken niet blij als ze op de plank moeten. Die moeten eigenlijk naast het bed. Zodat je zo plaatjes kan kijken en kan lezen. En zelf nog meer verhaaltjes kan bedenken. De meeste kinderen weten niet dat Joep nog een heel leven heeft naast het boek. En Kees ook. En de eekhoorn uit het boek ook. Kees kan toch niet de hele dag op de wip zitten met Miep. Dat zou gek zijn. Die eet ook echt weleens of gaat naar de wc. Nou, toen Miep dat zei tegen de juf werd ze boos. Die dacht ook dat Joep alleen in het boekje leefde. Dan zou iedereen opgesloten zitten in boekjes dacht Miep. En de poppen dan? Die leven toch ook niet alleen in de kamer of in de kast? Die kunnen alles beleven wat je verzint. Het is toch niet alleen plastic? Dat zou saai zijn. Schrijvers kunnen nooit alles bedenken. Daarom lezen kinderen verhalen en boeken. Omdat die dan weer verder kunnen bedenken wat Joep doet en wat Barbie beleeft. Dat weet toch iedereen dacht Miep. We leren toch geen letters om allemaal hetzelfde te lezen. Dat kan helemaal niet. Een keer moest Miep tekenen op school. Dus ze kleurde net zoals thuis hele mooie lentebloemen. De juf was zo boos. En liet de tekening zien en zei dat het lelijk was. Toen moest Miep heel hard huilen en rende ze naar de wc. Het moest maar met 1 kleur en heel klein. De keer daarop tekende ze heel klein en met 1 kleur en toen mocht de tekening op het prikbord en vond Miep de juf stom voor altijd. Het trucje was dat je de punt van je potlood moest slijpen dan waren de tekeningen mooi, blijkbaar. Nou. Dat was dus stom want thuis had Miep veel mooiere tekeningen op heel groot papier en dat was mooi door elkaar gekrast want dat mocht van mama. Dan vertelde Miep verhaaltjes over de tekening en mama schreef die op. Over eks en mo en over veel meer vriendjes die niet iedereen kon zien. Dan vertelde Miep over de planeten van overal. En over hoe mama en papa hier kwamen en waarom ze niet meer samen waren. En dat dat eigenlijk niet erg was omdat dat allang zo was. Miep vertelde over morgen en over de kinderen in hun klas en wat ze dachten en voelden. Over de juf ook en dat die ziek was, maar dat kon ze beter niet zeggen tegen de juf want die vond dat niet fijn. En over de dode papa van de juf kon ze beter niet praten want dan werd de juf heel verdrietig. Eigenlijk vond de juf daarom de tekening niet mooi, omdat die een beetje bang was van Miep. Maar eigenlijk was dat ook niet erg. Want thuis kon Miep wel tekenen en vertellen. Mama was ook niet boos toen ze op de muren had getekend met stift en potlood. Miep zei: dat moest hoor mama, het was hier zo wit op de muur en eks en mo hadden zoveel te vertellen. Mama kon het niet lezen maar Miep kon het wel vertellen. Het ging eigenlijk over de wereld en hoe Miep hier kwam en over mama, en over toen mama klein was en over ekkie ging het en over de hond. De hond die was dus niet meer thuis maar bij papa. En de hond was een beetje bang daarom blafte die zoveel. Eigenlijk moest de hond heel veel rennen maar dat kon niet. En het was heel erg dat ie weg moest. Dat vond de hond heel erg. En Miep vond dat ook niet leuk. Want eks en mo namen miep altijd mee naar de hond. Miep kon nu zelf vliegen over de daken en overal naar toe om te kijken. Ze ging vaak naar het klaslokaal om de woorden voor de volgende dag te oefenen die klaar hingen op het bord. Want het is stom dat je maar 2 woordjes per dag mag leren in de klas uit het boek vond Miep.
Miep vond het ook leuk om heel hoog in de wolken te vliegen, dan kan je niet zoveel zien en als je je dan opeens laat vallen kom je ergens nieuw terecht. En dan kan je kijken. Soms in de zee en soms bij een huis, in de natuur. Overal kan het zijn. Dat is heel leuk. Eks en mo liepen dan rond en vertelden soms erover. Soms niet, dan was Miep alleen en ging ze praten met een bloem of kijken in een huis. Dat is ook een leuk spelletje in huizen kijken en laatjes opendoen. Dan kan je soms schatten vinden of geheime dingen. Oude foto’s of diamanten oorbellen en lippenstift. Maar ja. De kamer opruimen. Dat is dom. Al is poetsen met het sop leuk. En de boeken terugvinden ook. En nou gaat Miep onder het bed op zoek naar haar andere sok want die is er afgegaan tijdens het tenen spelen en het verhaaltje vertellen. Doei!
You are viewing the text version of this site.
To view the full version please install the Adobe Flash Player and ensure your web browser has JavaScript enabled.
Need help? check the requirements page.